Kachelzaak OverijsselKachelzaak GelderlandKachelzaak FlevolandKachelsjop HasseltKachelzaak FrieslandKachelzaak Groningen Kachelzaak Drenthe

 

 

 

Alles wat u moet weten over houtkachels!

De schoorsteen… een vernuftig iets.

‘Wanneer de eenvoudige metselaar zijn best doet de kamerhaard de nodige trekking te bezorgen en toch de verscheidene pijpen zo aan te leggen dat de hitte niet te snel vervliegt; wanneer het er de boer om te doen is dat zijn haard warm blijft en niet rookt; blijft wel dat ‘het bouwen van de schoorsteen waarlijk een proefstuk voor de metselaar is, terwijl de noodzakelijkheid de vrije toegang van de mond van de schoorsteen te weren of te beletten dat regen of zonneschijn voor het optrekken van de damp nadelig zij, tot menige vernuftig uitgedachte inrichting geleid heeft’,zo staat er in een boekje over het vuur uit de vorige eeuw.

De schoorsteen is een vernuftig iets, een kanaal, dat zowel voor de afvoer van de verbrandingsprodukten dient als voor het bevorderen van de luchttrek.

In Nederland wordt bij de bouw van een huis over het algemeen nog te weinig rekening gehouden met de mogelijkheid, dat de bewoners wel eens een open haard zouden willen hebben. Er wordt bijvoorbeeld een schoorsteen gebouwd van 12 x 12 cm, terwijl voor de kleinste open haard toch zeker al 16 x 16 cm, bij bellfires 21’’ en 18’’ reeds 14 x 14 cm, vereist is.

Een schoorsteen dient voor de trek, die zo belangrijk is voor een open haard. De trek moet er al zijn voordat er sprake is van vuur. Hij ontstaat doordat vrije luchtlagen langs de uitmonding van het kanaal strijken. Er ontstaat dan een onderdruk en zuigende kracht.

In dit verband kan de windsterkte en soms ook de windrichting een woordje meespreken.

Wanneer de gassen in de schoorsteen lichter zijn dan de lucht erbuiten stijgen ze op. De trek wordt ook beïnvloed door de lengte van het kanaal, dat zo weinig mogelijk bochten moet hebben en ook zo weinig mogelijk onderbrekingen.

Hoe groter het rookkanaal des te beter de trek, is een verkeerd uitgangspunt.

In een te nauw rookkanaal ondervinden de rookgassen weliswaar te veel weerstand, maar bij een te grote afkoeling van de rookgassen waardoor de trek minder wordt. Het ronde vierkante rookkanaal dient overal, ook bij het uiteinde op het dak, dezelfde afmeting te hebben.

Belangrijk is ook, dat de binnenwanden glad zijn. Alle delen, die in het kanaal uitsteken, hinderen het opstijgen van de rook. Het is dan ook zaak, dat de bochten – zo die erin moeten komen- met zorg gemetseld zijn, zonder stootkanten en vernauwingen.

Het is ook gewenst, dat de binnenwanden enigszins poreus zijn om de waterdamp van de gassen en condensvocht op te kunnen nemen en om daardoor te voorkomen, dat er in de haard roetwater valt.

Om lekken tegen te gaan wordt het rookkanaal van binnen vertind ( met specie afgesmeerd) en worden de hoeken bijgesmeerd.

Een recht omhoog gaande schoorsteen uit het dak moet komen.

Daarom zal zo’n kanaal zo geleidelijk mogelijk van richting moeten veranderen, wat slepen wordt genoemd, en die schuine kanten moeten in een enkele geval ondersteund worden door zogenaamde ‘slapers’. Er zijn verschillende soorten rookkanalen gemaakte, en de kanalen opgebouwd met buizen van steen, staal of asbestcement.

De gemetselde schoorstenen hebben van binnen zachte en van buiten harde stenen. De binnenwand moet met metselspecieglas afgewerkt worden en vervolgens vertind en afgekwast. Men kan ook rookkanalen met kanaalstenen in de muur metselen.

Buizen hebben het voordeel dat zij rond zijn en vooral bij verbouwingen gemakkelijk te gebruiken zijn. Zij zijn echter weer niet zo sterk en koelen snel af.

Ingemetseld voldoen zij beter, maar dat is weer veel kostbaarder.

Stenen buizen moeten van binnen ongeglazuurd zijn voor het opnemen van het condensvocht.

Het nadeel van buizen is ook, dat zij bij het vegen van de schoorsteen vrij gemakkelijk beschadigd worden.

In principe moet er voor elke haard een apart rookkanaal komen. Meer stookplaatsen op een kanaal geven gewoonlijk storingen, en geluidoverlast al gaat dat ook weer lang niet altijd op.

Er wordt bij flat-gebouwen ook wel gebruik gemaakt van ’n moederkanaal waarin meerdere kleine rookkanalen worden opgemonen. De schoorsteen van de eerste haard loopt dan tot het plafond gaat vervolgens in het grote kanaal over. Het is een systeem, dat weer toegepast wordt, nadat het al veel eerder in kastelen was gebruikt.

En met succes.

De top van de schoorsteen moet uitsteken boven alle binnen 15 meter aanwezige obstakels. De minimum-hoogte van het rookkanaal boven het dak moet wel ongeveer 1 meter zijn, in elk geval 50 cm boven de borstwering om de valwinden tegen te gaan. Maar, zoals gezegd, ook de omliggende bebouwing speelt een rol. Het is herhaaldelijk voorgekomen, dat een schoorsteen na enkele verhogingen pas beter ging functioneren.

De kwaliteit van de schoorsteen blijft dus wel in de trek bepalen en ’n open haard kan zeer gevoelig zijn voor veranderde weersomstandigheden.

Een schoorsteenkap kan dan uitkomst bieden. Een dergelijke schoorsteenkap bestaat uit drie elementen zonder bewegende delen, waardoor een constante trek wordt bevorderd en windinvloeden worden geneutraliseerd.

Het goede rookkanaal voor houtkachels en houthaarden

Rookkanalen toegepast voor houthaarden zijn onderdruksystemen die de verbrandingsgassen op natuurlijke wijze afvoeren tot buiten de woning.

Afvoersystemen zijn op grond van het toegepaste materiaal in te delen in twee hoofdgroepen: afvoerkanalen (gemaakt van steenachtig materiaal), en afvoerleidingen (metalen systemen).

In Nederland wordt in de meeste gevallen gebruik gemaakt van afvoerleidingen, omdat dit veelal goedkoper is en bovendien is het risico op onjuist functioneren met metalen systemen wat kleiner.

Het Bouwbesluit eist geen specifieke materiaalsoort voor afvoersystemen.

Het materiaal moet echter wel brandveilig (NEN 6062) en onbrandbaar zijn (NEN 6064).

De brandveiligheid (en ook andere aspecten zoals lekdichtheid, veegvastheid, etc.) wordt getest volgens norm NEN 2062, ook wel TNO-keur genoemd.

Verder kan er op een afvoersysteem een KOMO keurmerk zijn aangebracht. Dit afvoermateriaal voldoet naast de NEN 6062 norm, ook aan alle eisen gesteld in het Bouwbesluit en zijn absoluut veilig te noemen. Sinds 2005 moeten alle systemen ook voorzien zijn van een Europees CE keurmerk.

Er zijn diverse afvoersystemen in de handel verkrijgbaar:

•Enkelwandige roestvrijstalen systemen geschikt als aansluitleiding van toestel naar afvoersysteem of als    kanaalrenovatie van een bestaand kanaal.
•Dubbelwandige geïsoleerde roestvrijstalen systemen, geschikt als individueel, zelfstandig afvoersysteem.
•Dubbelwandige stenen afvoersystemen geschikt als individueel, zelfstandig afvoersysteem.
•Roestvrijstalen flexibele leidingen (enkel- of dubbelwandig) welke geschikt zijn als kanaalrenovatie.
•Enkelwandige stalen kachelpijp, geschikt als aansluitleiding (in het zicht) van een houtkachel naar een afvoersysteem.

Hieronder volgen een aantal aandachtspunten welke van belang zijn bij de aanschaf en installatie van een afvoersysteem geschikt voor houthaarden:

Rookgassen: maximale rookgastemperaturen zin 600¢ª Celsius, de gemiddelde temperaturen die optreden bij de verbranding liggen rond de 400¢ª Celsius.
Materiaal: weggewerkte systemen (dus niet meer bereikbaar) zijn vervaardigd van roestvrijstaal kwaliteit 316L.
Diameter: de aansluitmaat op een houtkachel is ook de kanaaldiameter.

Bij openhaarden is de netto vuurmondopening in combinatie met de toegepaste schoorsteenhoogte bepalend voor de uiteindelijke kanaaldiameter.

Isolatie: dubbelwandige systemen zijn voorzien van hoogwaardige isolatie, welke thermische trek optimaliseert, en een veilige installatie mogelijk maakt.
Kanaaltraject en uitmonding: om de goede werking van natuurlijke trek te garanderen, dient het juiste kanaaltraject van te voren bepaald te worden. De uitmonding bij puntdaken dient in de nabijheid van de nok te zijn, en ook belendende bebouwing (bijv. een uitbouw) kan nadelig werken op de natuurlijke trek van een afvoersysteem. Ook dient het kanaaltraject een zo verticaal mogelijk verloop te hebben. Toepassen van maximaal 2 bochten van 45 graden is toegestaan. De installatie-instructies geven hier de noodzakelijke informatie.
•Kanaalrenovatie: in het algemeen kan men stellen dat de oudere bestaande gemetselde rookgaskanalen niet geschikt zijn voor de aansluiting van een kachel of openhaard. Deze kanalen kunnen lekkage vertonen, of de constructie is niet geschikt om hogere rookgastemperaturen te weerstaan, zonder dat er schade ontstaat aan kanaal en/of woning. Advies kan dan zijn om het kanaal te renoveren.

Dit kan door middel van starre roestvaststalen kanaalelementen (bij een rechte schoorsteen) of een flexibele schoorsteenvoering (bij een kanaal met bochten).

Tussen de nieuwe voering en het bestaande schoorsteenkanaal past men vermiculite isolatiekorrels toe, die ervoor zorgdragen dat de voering goed op temperatuur blijft tijdens het stoken.

Installatie: zorg voor een brandveilige installatie. Alle systemen zijn voorzien van een brandvrije omkokering, opdat de omliggende constructie tegen brand beschermd is.
•Hinder naar omgeving: bij de uitmonding bovendaks dient men rekening te houden met de hinder van de rook naar de omgeving. In de norm NEN 2757 zijn eisen vastgelegd, en ook de installatie-instructie van de leverancier geeft hier aanwijzingen.
Onderhoud: het reinigen en inspecteren van het afvoersysteem dient 1-2 maal per jaar plaats te vinden. Dit om eventuele schoorsteenbranden te voorkomen. Ter voorkoming van vervuiling van het afvoersysteem, en ook van uw omgeving, dient men uitsluitend te stoken met droog en schoon hout.
•De schoorsteen van houtkachels of houthaarden bepaalt in grote mate of het stoken veilig, gezond en milieuvriendelijk verloopt. Een schone schoorsteen trekt bijvoorbeeld rookgassen sneller weg. Dat is beter voor de gezondheid en verkleint de kans op een schoorsteenbrand. Hoe sterk een schoorsteen trekt hangt af van een aantal zaken:

De diameter van het rookkanaal. Bij een te grote doorsnede stromen de gassen te traag omhoog. Er slaat dan brandbare teer neer op de schoorsteenwand, die kan vlamvatten bij sterke hitte. Bij een te kleine doorsnede trekt de schoorsteen niet of nauwelijks. Informeer bij de leverancier naar de juiste diameter voor het rookkanaal van uw type kachel. Bepaling van de noodzakelijke diameter van het rookkanaal.

De gladheid van de binnenwand: hoe gladder hoe beter. Een ruwe wand vergroot de afkoeling van de gassen en daardoor de kans op het neerslaan van creosoot en andere stoffen zoals roetdeeltjes tegen de schoorsteenwand. Hierdoor kan schoorsteenbrand ontstaan. Een stenen schoorsteen kan daarom gevoerd worden door een dubbelwandige flexibele RVS voering. Let op de voering moet altijd glad zijn van binnen. De voering maakt een bestaand schoorsteenkanaal weer als nieuw. Als het rookkanaal lek is kan dit in vele gevallen een uitkomst zijn voor continuering van houtkachelplezier. Vragen over schoorsteen renovatie ?

De bochten in het kanaal: hoe minder hoe beter, ze verminderen de trek. De tracé-bepaling van het rookanaal van houtkachels en houthaarden dat qua uitmonding altijd vrij moet staan en enigszins boven de omgeving uit is maatgevend voor het gebruik van evt. bochten. In geval van betonvloeren of daken wordt de plaats van boringen bepaald aan de hand van lasermetingen. Vragen over het beste tracé ?

Isolatie van het rookkanaal: dat voorkomt dat gassen afkoelen en neerslaan tegen de wand. Net als dat er honderden merken houtkachels en houthaarden in de handel zijn is sprake van zo’n dertigtal merken geïsoleerde RVS dubbelwandige pijp. De ene pijp is de andere niet, er zijn naast de prijs grote verschillen in wanddichtheid, isolatiewaarde en montage vriendelijkheid. De wijze van het noodzakelijke tracé, de bouwwijze van de woning en een aantal klantenwensen bepalen de keuze van het rookkanaalsysteem dat het beste bij de situatie past. Vragen over de beste geïsoleerde dubbelwandige pijp in uw geval ?

Wanddichtheid bevordert de trekopbouw mogelijkheid in het rookkanaal. De vakman kan bij twijfel middels trekmeting vaststellen of het rookkanaal voldoende trek kan opbouwen voor de gewenste houtkachel. Houtkachels en houthaarden hebben niet allen dezelfde trek nodig. Trekmeting ?

Schoorsteenbrand uitmaken

•Doof het houtvuur in de houtkachel met zand of soda, om rook in uw huis te voorkomen. Gebruik nooit water, dat kan ontploffingen veroorzaken!
•Sluit direct de schoorsteenklep in haard of kachel
•Sluit de luchttoevoer af, dus sluit deurtjes van de kachel of haard
•Waarschuw de brandweer
•Ventileer nadat het vuur is gedoofd de ruimte, zodat eventuele koolmonoxide verdwijnt

Onderhoud van het rookkanaal, schoorsteenvegen

Eenmaal per jaar is men verplicht de schoorsteen te laten vegen.

Meestal gebeurt dat aan het eind van een stookperiode. De schoorsteen moet dan vrijgemaakt worden van het roet dat zich gemakkelijk tegen de wanden en wangen afzet

Het vegen gaat met behulp van een kogel met bezem aan een zwaar koord of aan in elkaar te schuiven stokken van boven naar beneden.

Door op het op en neer laten gaan van de borstel wordt het kanaal gezuiverd.

Wanneer de schoorsteenveger er boven niet bij kan is er gewoonlijk op de zolder wel een zogenaamd veegluikje van gietijzer of beton, maar het is natuurlijk veel beter om een schoorsteen zonder luikjes te hebben.

Beneden wordt de open haard tijdens het vegen op een of andere manier afgedekt.

Een schoorsteenafdekking op het dak is ook wel aan te bevelen om het inregenen te voorkomen.

Men heeft daarvoor platen van natuursteen, gewapend beton of platen van koper, brons of met lood bekleed plaatijzer.

De afdekking moet wel ongeveer 5 cm oversteken. Er bestaan ook schoorsteenkappen van aardewerk, asbestcement, van gegalvaniseerd plaatijzer en gegalvaniseerd zink.

Die dienen niet om een schoorsteen beter te laten trekken, maar om de luchtwervelingen op te heffen, waardoor de trek meer constant blijft.

Er wordt ook wel boven op de schoorsteen een ijzeren rooster gelegd om te voorkomen dat vogels zich daarin gaan nestelen, waardoor de kans op een schoorsteenbrand uiteraard wordt verhoogd.

De open haard zelf kan men ook nog van een kap voorzien, van een rookvanger, die op het kanaal aangesloten is. Deze werden al vanaf 1100 gebruikt.

En dan zijn er tenslotte nog de afsluitkleppen in de haard, die weer voorkomen, dat er kamerwarmte verloren gaat wanneer de haard niet in gebruik is.

Minimaal een keer per jaar moet dus de schoorsteen worden geveegd. Bij continu gebruik in de winter is twee keer per jaar beter. Laat de schoorsteen dan ook meteen controleren op scheuren en lekkages.

In plaats van een lekkende, niet-gasdichte schoorsteen te repareren, is het dus ook mogelijk een flexibel roestvrijstalen binnenkanaal aan te (laten) brengen in het gemetselde kanaal. Dat is wel een specialistische klus. Laat in ieder geval controle uitvoeren voordat u zo'n schoorsteen gaat gebruiken.

Asbest rookkanaal, wat nu ?

Schoorstenen die zijn gebouwd voor 1983 kunnen asbest bevatten. Een gespecialiseerd bedrijf kan dat voor u controleren. Het vegen van asbesthoudende schoorstenen is aan strenge veiligheidseisen gebonden. Daarom is het duurder dan een gewone veegbeurt. Een goed alternatief kan zijn juist deze rookkanalen te voeren. Vragen over uw rookkanaal ?

Over smeden, schoorsteenvegers, as en rook.

Talloos zijn de volksverhalen over de bovennatuurlijke krachten die smeden bezaten en welke ze ontleenden aan het heilbrengende vuur, dat immers in zijn warmteproductie ook door de officiële geneeskunde wordt ingeschakeld om ziekten te bestrijden. Hun empirische kennis leidde ertoe, dat smeden dikwijls als wonderdokters optraden. Vermaard in Nederland was in de vorige eeuw de smid van Ide in Drenthe, die iedere vrijdag in de jelieskelder aan de grote markt te Groningen consult hield en daar door hem geslagen spijkers ter genezing van breuken verkocht.